|
|
| Nooit gedwongen geweest om iemand te doden |
|
Kon Kelei, die in de film Wit Licht van Marco Borsato is te zien, waarin het fenomeen kindsoldaten aan de kaak wordt gesteld. Kon Kelei studeert rechten in Nijmegen en wil nog dit jaar terug naar zijn geboorteland. Nog maar 25 jaar oud en dan al meer hebben meegemaakt dan menigeen in een heel mensenleven. John Kon Kelei (1983, Zuid-Sudan) leidt een leven tussen uitersten. Eerst maar de leuke kant. John Kon Kelei speelt in Wit Licht van Marco Borsato waarin het fenomeen kindsoldaten aan de kaak wordt gesteld. Kon Kelei speelt in de film de rol van Bosco, de assistent van de hulpverleenster Valerie (Thekla Reuten). Naast acteur is hij voorlichter voor War Child en studeert hij Internationaal en Europees Recht in Nijmegen. Dan de keerzijde: Kon Kelei was zelf kindsoldaat. "Ik ben geboren in het overwegend christelijke Zuid-Sudan als de jongste van zeven kinderen. We behoren tot de Dinka-stam. Het zuiden was tot 2005 in een burgeroorlog verwikkeld met het islamitische noorden. Toen ik vier jaar was kwam de rebellenleider van de Sudan People Liberation Army – de SPLA – langs bij mijn ouders. Hij zei dat alle jonge jongens naar een kamp moesten waar ze scholing, onderdak en bescherming zouden krijgen. Mijn vader was pro educatie en stemde toe. Maar alles pakte anders uit. Na vijftien dagen lopen bereikten we Ethiopië, daar was de basis van de SPLA." Van een kamp of een school was geen sprake. De kinderen moesten de kazerneverblijven zelf bouwen. Toch is Kon Kelei nooit verzeild geraakt in gevechtshandelingen. "Ik ben ook niet gedwongen geweest om iemand te doden. Wel moest ik in het kamp werken als een volwassene. En als ik iets fout deed, werd ik daar fysiek en mentaal voor gestraft." Als gevolg daarvan vindt hij het nog steeds moeilijk om in korte broek te lopen. Dat was vereist voor een scène in Wit Licht en slechts met grote tegenzin stemde hij ermee in. Zijn benen zitten onder de littekens van de afstraffingen die hij in het legerkamp heeft ondergaan. Daarom toont hij ze liever niet. Niettemin wilde Kon Kelei als klein jongetje dolgraag ingezet worden in de oorlog. "Ik wilde erbij horen. Maar in de kazerne kreeg ik steeds te horen dat ik nog te jong was en dat ik eerst nog goed moest leren." Op een gegeven moment begon er toen iets te dagen bij de jonge Kon Kelei. "Als onderwijs dan kennelijk zo belangrijk was, dan moest ik zien weg te komen uit het leger, begreep ik. Want daar was immers geen onderwijs." Hij ziet kans te ontsnappen naar de hoofdstad Khartoem. Daar schraapt hij geld bijeen met diverse baantjes. Als 17-jarige vertrekt hij aan boord van een schip dat hem naar Rotterdam brengt. In Nederland vraagt hij asiel aan. "Ik wist absoluut niet in welk land ik terecht was gekomen. Totdat ik een foto zag van Edgar Davids. Nou, toen begreep ik dat ik in Nederland was. In Sudan was ik altijd al Oranjesupporter geweest. Ik kende de Nederlandse voetballers zodoende." Hij verblijft in asielzoekers- en opvangcentra in Zevenaar, Lochem en Gorinchem. In het asielzoekerscentrum in die laatste plaats komt op een zeker moment iemand langs van een filmmaatschappij. "Ze hadden een zwarte acteur nodig voor de tv-film Tussenland. Ik kreeg de rol. Omdat ik Dinka ben, maar ook omdat ik veel wist van de cultuur van m'n land." Tussenland verhaalt van de wonderlijke vriendschap tussen de verbitterde Jakob, een Indië-veteraan die met iedereen ruzie zoekt, en de uit Sudan gevluchte dienstweigeraar Majok, gespeeld door Kon Kelei. Sindsdien zit Kon Kelei in de kaartenbak van het castingbureau en krijgt hij met enige regelmaat aanbiedingen voor rolletjes in films en tv-series, zoals Baantjer, Keyzer & de Boer, Flikken Maastricht, Grijpstra & De Gier, et cetera. En meest recent dus in Wit Licht, de eind vorig jaar gepresenteerde speelfilm van Marco Borsato. Ook Willem-Alexander en Máxima zijn bij de première aanwezig en uiteraard heeft Kon Kelei ze na afloop de hand mogen schudden. Filmacteur is een aantrekkelijk bijbaantje voor een rechtenstudent, beaamt hij. En inderdaad, hij wordt wel eens herkend op straat. "Het leuke van Nederland vind ik die houding van 'doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg'. Ook al word je herkend, je wordt met rust gelaten." Inmiddels is John Kon Kelei vierdejaars Europees en internationaal recht aan de Radboud Universiteit. Gaat daarmee een droom in vervulling? "Ik heb altijd dokter willen worden. Medicijnen studeren dus. Om dan terug te gaan naar Sudan. Stel je voor dat daar maar één arts is op 400.000 mensen. Neem iemand als mijn moeder, die zeven keer zwanger was maar al die keren nog nooit een dokter heeft gezien. Daarom was ik het liefste dokter geworden." Medicijnen studeren blijkt echter lastig omdat Kon Kelei exacte vakken ontbeert. Dus wordt het rechten. "Daar kan ik álles mee in Sudan," klinkt het enthousiast, "alleen geen mensen opereren." Hij heeft geen hoge pet op van de ontwikkelingshulp die Afrika in het algemeen en Sudan in het bijzonder in de loop der jaren ontving uit Nederland. "Ik heb er als kind helemaal nooit iets van gemerkt. Dat moet veranderen, vind ik. Ontwikkelingsgeld gaat, zo heb ik uitgezocht, vooral naar het lager onderwijs. Maar inmiddels volgen de meeste Sudanese kinderen wel basisonderwijs. Geef daarom liever het voortgezet onderwijs een impuls. Want daar haken heel veel Sudanese kinderen af, met name de meisjes uit de dorpen die van hun ouders niet naar de middelbare school in de stad mogen." Vooruitlopend op zijn terugkeer naar Sudan is Kon Kelei vanuit Nijmegen al begonnen met concrete hulp aan zijn land. Via de Stichting Cuey Machar Secondary School Foundation (CMSF) wordt er met hulp van sponsors op dit moment een middelbare school gebouwd op het platteland van Zuid-Sudan. En er volgen vele, zo hoopt hij vurig. " Scholen voor voortgezet onderwijs, dicht bij de dorpen. Zodat ouders geen argument meer hebben om meisjes vervolgonderwijs te onthouden." Eenmaal terug in Sudan – Kon Kelei hoopt nog dit jaar af te studeren en boekt dan per ommegaande een enkele reis – gaat hij wellicht aan de slag als leraar of in een andere job. Als het maar werk is dat bijdraagt aan de ontwikkeling van zijn land. " Ik verpak mezelf als cadeautje en bied me aan als een pakje ontwikkelingshulp aan Sudan." Uiteraard gaat hij Nederland vreselijk missen. En niet alleen zijn vrienden en z'n geliefde broodje kaas. Vooral de vrijheid te doen en te laten en te zeggen wat je wilt. "Hier kan ik hardop zeggen dat Balkenende een incompetente politicus is. In Sudan moet ik het niet in mijn hoofd halen dat te zeggen over president Omar al-Bashir..." Die vrijheid om te zeggen wat je denkt of vindt strekt zich voor Kon Kelei ook uit tot sommigen die het nodig vinden hem 'hé zwarte!' te noemen. " M'n vrienden vinden het niet prettig dat ik daar niet tegen ageer. Maar hoe dan ook: ik bén toch zwart. Trouwens, discriminatie zit in iedereen. Ik denk dat ik er als Dinka ook niet aan ontkom ten opzichte van niet-Dinka's." De rebellenleider die hem als kleuter kwam ronselen voor het leger, beschouwt hij als een boosdoener. Toch zal hij hem eeuwig dankbaar zijn. De tengere man gebaart om zich heen naar de kantine vol rechtenstudenten op de campus van de Radboud Universiteit. "Had hij me niet meegenomen, dan was ik hier nu immers niet geweest." Bron: De Gelderlander John Kon Kelei. foto Merijn Koelink/De Gelderlander
|
Het Internationaal Strafhof heeft een arrestatiebevel tegen president al-Bashir van Sudan uitgevaardigd; als reactie daarop zette het regime buitenlandse hulporganisaties het land uit. John Kon Kelei (25) was ruim tien jaar kindsoldaat in Sudan.